VR testen

Deze week stond in het teken van de huidige virtual reality. Ik ben twee keer naar een basisschool geweest en heb met groep 8 de VR getest. Ze kregen elk tien minuten om door de VR te gaan. Dit vonden ze aan het begin erg spannend, ook omdat je niets onder je ziet lijkt het alsof je zweeft. Dat en trap naar beneden (het hoogtegevoel) was in de eerste kamer dus best een beetje eng. Als ze door de boekenkast naar binnen zijn gegaan vinden ze het minder eng en wordt het interessanter omdat je alles om je heen ziet en fragmenten hoort. 

Om de resultaten te verwerken heb ik ook een customer journey gemaakt van hoe de kinderen de VR ervaarden en wat ze ervan vonden.

De customer journey bestaat uit meerdere punten. Hoe de emoties van de kinderen veranderden tijdens de test. Dit is aangegeven met de grafiek. Boven de lijn zijn het positieve emoties, onder de lijn zijn het negatieve emoties.

In het blauw staat aangegeven wat voor actie een kind uitvoert. 

In het rood staat er bij wat voor gevoel het kind had.

 

Customer journey

Inzichten

Ook was ik bezig met het ordenen en verzamelen van inzichten. Volgende week heb ik een presentatie op school waar ik al mijn onderzoek tot nu toe moet presenteren. Daarom ben ik van al mijn methodes de inzichten op een rijtje gaan zetten.

VR gebruik 

  • Stimuleert inlevingsvermogen 
  • Kinderen onthouden stof beter 
  • Vinden spelenderwijs leren leuker 

Ontwikkeling kind 

  • Leeftijd 10/11 jaar wordt zelfstandigheid groter 
  • Eigen mening formuleren is in ontwikkeling 
  • 95% heeft een telefoon op de leeftijd 10/12 (niet altijd geschikt voor VR)
  • Historisch bewustzijn ontwikkeld 
  • Plaatsing van tijden en inzien tijd’ruimte’ is lastig 
  • Spanningsboog van 15-20 minuten (zonder afwisseling) 

Lesmethodes 

  • Groep 7 begint met geschiedenis, heel globaal over de oorlog. Personen in de oorlog, Hitler aan de macht en anti joodse maatregelen komen aan bod 
  • Groep 8 gaat dieper in op bovenstaande onderwerpen en breiden het ook uit. Het Joodse geloof, verzet, NSB, concentratiekampen, Duitse veroveringen, Na de oorlog, Dictatorschap en democratie 
  • Elke methode heeft zo zijn eigen verdieping bij deze onderwerpen. De ene methode gaat nog dieper in op het Joodse geloof, de ander laat verhalen zien van mensen uit de oorlog zoals Johannes Post, Hanne Schoft en een methode geeft ook Anne Franks verhaal als voorbeeld.   
  • Wat mij is opgevallen bij de methodes is dat ze erg inspelen op het gevoel van het kind. Wat vinden zij van bepaalde onderwerpen en gebeurtenissen. Bijvoorbeeld: Wat vind je van de joden wetten die werden ingevoerd, of wat vind je van iemand die bij het verzet zit. 
  • Deze thema’s komen altijd aan bod: Tijdlijn, het verzet, anti joodse maatregelen, Hitler en  concentratie kampen 
  • Mist beetje persoonlijke verhalen, meer feiten van gebeurtenissen en wanneer wat gebeurde 

Expert interviews 2x 

  • VR blijft lastig om in te zetten vanwege hoge kosten 
  • Ook omdat leraren bang zijn dat ze investeren en dat het na een jaar niet meer gebruikt kan worden 
  • Cardboard is een slimme en goedkope optie, maar dan moeten kinderen wel een telefoon hebben 
  • Leraren zouden eerder gastlessen inzetten, dan zelf investeren in een bril 
  • Leraren willen VR wel inzetten om onderwerpen tot leven te brengen 
  • Kinderen kunnen VR niet te lang achter elkaar gebruiken 

Testen VR 3x 

  • Kinderen zijn aan het begin bang 
  • Zijn enthousiast over VR 
  • Willen alles aanraken met hun handen 
  • Willen weten waar Anne’s kamer is 
  • Zijn verbaasd dat er zoveel mensen moesten slapen op een kamer 

Probe basisschool 1x 

Mening vormen is nog lastig > het waarom ze iets vinden. 

Leerlingen willen dat de lessen gezelliger worden, meer afwisseling krijgt en meer doe opdrachten heeft 

Veel kinderen hebben al eens vr gebruikt 

  • Het lijkt heel erg echt, jammer dat het niet echt is 
  • Ziet niet wat er in de omgeving gebeurd 
  • Kan er misselijk/duizelig van worden

Fly on the wall (introductieles 4x) 

  • Kinderen zijn erg nieuwsgierig, steken hun hand op en willen vertellen wat ze weten 
  • Er wordt rekening gehouden met het niveau, docent vraagt om uitleg begrippen, gebruikt kindvriendelijker taalgebruik (ontwijkt ook sommige woorden)
  • Leuk, vervelend, niet veilig, gedood, regels opstellen, niet overleefd, verstopt gezeten, ‘Niemand kwam meer terug uit de kampen.’, ‘Is er iets mis met joodse mensen?’ 
  • Docent stimuleert inlevingsvermogen door dingen te vragen als “Wat vind jij als iets jouw schuld is, en hoe zit dat als iets niet je schuld is. Hoe voel je je dan? Zo voelden de joden zich ook.” (Met betrekking tot het vervolgen van joden) 
  • Kinderen willen graag het achterhuis zien, het is voor hun een herkenningspunt omdat ze daar over gehoord hebben (ze kennen de boekenkast) 

Fly on the wall (museumbezoek4x) 

  • Kinderen zijn enthousiast als ze het achterhuis in mogen 
  • Vinden het wel een beetje spannend en eng 
  • Bijzonder en interessant omdat op deze plek echt iets is gebeurd en dat je daar nu mag lopen 
  • Aandacht is minder bij de rest van het museum  

 

Wat ga ik nog doen?

Volgende week moet ik dus mijn resultaten en inzichten presenteren. Daarbij moet ik een poster maken en drie concepten presenteren. Daar ga ik mij volgende week op focussen. Ook heb ik nog een dag uitgetrokken om met 20 leerlingen de VR weer te gaan testen.