De laatste weken waren erg intensief. Naar verschillende basisscholen toe over heel het land; enschede, amsterdam, mijn dorpje en helmond. En volgende week ga ik ook nog naar haarlem! Zo kom je nog eens ergens.

Ik ben naar al die scholen geweest om de huidige VR te testen. Dat was nog een hele opgave want met kinderen omgaan is niet mijn sterkste punt. Nu scheelt ook heel erg welke kinderen je voor je neus krijgt. De een is binnen 5 minuten klaar, zegt niks en loopt weg. Dan kan ik nog net vragen of hij een vragenlijstje wilt invullen voordat hij echt de deur uit is. Andere leerlingen zijn heel erg nieuwsgierig en willen van alles weten over de VR en Anne’s leven. Die kinderen laat ik dan stiekem ook wat langer met de VR bril op zodat ze alles kunnen ontdekken.

Het nadeel van kinderen is hun korte aandachtsspan en de ‘oh het is les dus het is niet leuk’ houding. Enkele leerlingen verpesten het dan voor de rest. Zo had ik twee groepen van vier leerlingen die heel erg vervelend waren. Ze gingen elkaar schoppen, schoven stoelen weg als iemand met de bril ging staan en luisterden totaal niet naar wat ik hun vroeg. Als ik zei blijf zitten, als je staat is het gevaarlijk want je ziet niks, wat deden ze dan? Juist ze gingen opstaan en rondlopen. Ik heb uiteindelijk ook twee kinderen eruit moeten sturen omdat ze echt niet meededen en irritant waren.

Gelukkig zijn dat uitzonderingen en ging het met de rest van de 25 kinderen goed.

Ook moest ik voor school een presentatie houden en concepten presenteren. Daar ben ik ook ellendig lang mee bezig geweest.. Het maken van visualisaties duurt een eeuwigheid en alle inzichten en resultaten inkorten zodat het op een A1 poster past was ook niet al te makkelijk. Uiteindelijk is het gelukt, alleen had ik minder tijd voor mijn concepten omdat er op een dag wat ‘persoonlijke’ issues waren waardoor ik een hele er niet aan kon werken. Gelukkig was de presentatie geen beoordeling, anders was ik de pineut. Het was meer een feedback moment om te kijken hoever je was en wat je verder kon gaan oppakken. De hele ochtend stonden wij als brave studenten te presenteren (iedereen was moe en zag het niet meer zitten). Gelukkig stonden er koffie, thee, brownies, appelflappen en gevulde koeken om de ochtend nog een beetje door te komen. Sommige docenten leven met je mee; zien dat je kapot bent en zeggen vrolijk “Ik ga je poster wel gewoon even doorlezen, hoef je niet te praten.”

Nu ga ik eerst die feedback van die presentatie verwerken en dan ga ik me weer focussen op concepten en die testen bij de doelgroep (jeeh nog meer interactie met kinderen).